
Zomertips voor het welzijn van je varkens
1. Luchtinlaat
Voldoende kunnen ventileren is op warme dagen zeer belangrijk. Zorg daarom voor een voldoende grote luchtinlaat. Voor bijvoorbeeld een kraamstal met 50 zeugen betekent dit een inlaat van 1,7 m². Voor een afdeling met 200 zware vleesvarkens is dat 2,1 m².
2. Instellingen klimaatregelaar
Overdag moet er voldoende geventileerd kunnen worden. Zorg ervoor dat de maximum ventilatie op 100 % ingesteld is. Let er wel op dat er ’s avonds en ’s nachts niet te veel geventileerd wordt (afkoeling!). Stel hiervoor de vraagtemperatuur voldoende hoog in (zware vleesvarkens minimaal 23 °C) en de bandbreedte op minimaal 6 °C.
3. Koeling van lucht
Door binnenkomende lucht te koelen (dit kan met verschillende systemen, denk aan verneveling of PAD koeling) kan de staltemperatuur met enkele graden verlaagd worden. Bij nieuwbouw of renovatie is het aan te raden om koeling in overweging te nemen. Met name voor een dekstal, kraamstal of vleesvarkensstal.
4. Voederkeuze
De voederopname daalt als de temperatuur hoog oploopt in de stal. Schakel op warme dagen naar een luxer voeder, zodat de opname van nutriënten beter op niveau blijft. Dit geldt vooral voor vleesvarkens en lacterende zeugen.
5. Voedermanagement kraamstal
Tijdens een warme periode in de zomer zullen de zeugen in de kraamstal minder voeder opnemen. Dit kan allerlei gevolgen hebben zoals een lagere melkproductie en een negatieve invloed op de vruchtbaarheid. Geef de dagelijkse portie voeder in 3 of 4 beurten en voeder de zeugen op de koelere tijdstippen van de dag.
6. Extra aandacht voor de biggen in de kraamstal
Door de lagere opname van zeugen in de kraamstal, zal de melkproductie dalen. Biggen bij de zeug moeten dus extra bijgevoederd worden. Begin vanaf dag twee na de geboorte met bijvoederen (melk bij grote nesten). Nat voederen van biggen in de kraamstal zorgt ook voor een hogere opname.
7. Water
Op warme dagen is een correcte wateropname nog belangrijker. Zorg dus voor voldoende en fris water. Controleer het debiet van de drinknippels. Wateropname/ waterbehoefte:
Dragende zeugen: 15 l/dag
Lacterende zeugen: 25 – 40 l/dag
Biggen: 2 – 4 l/dag
Vleesvarkens: 3 – 6 l/dag